-
Home
›
-
Nieuws
›
- Zo versterkt AI het onderwijs bij het Maarten van Rossem
Een AI-pilot op een vmbo-school in Arnhem die leidt tot een sprong in wiskundecijfers: van een 4,5 naar een 7,5. Dat bleef niet onopgemerkt. De Volkskrant schreef op 2 februari over de pilot ‘Lesversterking met AI’ op het Maarten van Rossem. Maar wat maakt deze aanpak zo bijzonder?
Gericht op de leerling, gestuurd door de docent
Op het Maarten van Rossem wordt AI niet ingezet als hype, maar als hulpmiddel om leerlingen beter te ondersteunen. Veel van de leerlingen hebben een taalachterstand, krijgen thuis weinig hulp of vinden het lastig om hun ideeën om te zetten in concrete producten. Juist voor die groep maken gerichte, door docenten met generatieve AI ontwikkelde AI-leerapps, een wereld van verschil.
“Deze apps sluiten aan op de lesdoelen én het niveau van onze leerlingen,” vertelt locatiedirecteur Anouk Derksen. “Ze helpen leerlingen om een volgende stap te zetten in hun denkproces, maar nemen het niet over. De docent blijft volledig in regie.”
Wat levert het op?
- Leerlingen voelen zich zekerder en durven meer.
- Toegankelijke en persoonlijke lesstof.
- Resultaten verbeteren zichtbaar: in de pilot steeg een groep eindexamenleerlingen van een 4,5 naar een 7,5 voor wiskunde.
- Gelijke kansen, ook voor leerlingen die thuis minder ondersteuning krijgen.
- Werkplezier bij docenten, zij hebben daadwerkelijk de mogelijkheid om lesstof te ontwikkelen die aansluit bij de leerlingen.
Gedreven door nieuwsgierigheid en ambitie
De AI-pilot is ontstaan vanuit een fundamentele vraag: hoe kunnen we leerlingen met leer- en taalachterstanden en vaak beperkte thuisondersteuning, beter helpen om tot leren te komen? Die ambitie, vraagt om lef en nieuwsgierigheid. Een team van docenten op het Maarten van Rossem ontwikkelde de eerste gesloten leerapps: digitale oefenomgevingen die vakinhoudelijk aansluiten op de lesstof en waarmee leerlingen doelgericht kunnen oefenen.
Slim differentiëren, meer werkplezier
De apps geven docenten een krachtig hulpmiddel om gericht te differentiëren, iets wat in de dagelijkse lespraktijk vaak lastig en tijdrovend is. De apps zijn strak afgebakend: leerlingen werken binnen de grenzen van een specifiek onderwerp, bijvoorbeeld bij economie of wiskunde. Ze krijgen opdrachten op hun eigen niveau en kunnen zelfstandig aan de slag. De docent houdt regie over de inhoud, het tempo en de begeleiding.
Anouk: “Voor docenten is het een praktisch en effectief hulpmiddel: je ziet veel beter wat leerlingen nodig hebben en kunt daar direct op inspelen.”
Verantwoord en doordacht
De Volkskrant beschrijft ook de kritische geluiden rondom AI in het onderwijs. En terecht. Daarom kiest het Maarten van Rossem bewust voor een benadering waarin verantwoordelijkheid centraal staat. De gesloten leerapps passen bij die visie: de docent ontwikkelt het lesmateriaal zelf en bepaalt de grenzen waarbinnen de leerlingen werken. Zo blijft de technologie een hulpmiddel en nooit leidend.
“De AI-pilot is geen trucje,” benadrukt Anouk. “Het is een voorbeeld van hoe technologie het onderwijs kan versterken, zonder de pedagogische kern te verliezen.”
© Afbeelding: de Volkskrant
« Terug naar overzicht